HomeNieuws'Huidig beleid werkt concurrentievervalsing tussen luchthavens in de hand'
10
feb
2017

'Huidig beleid werkt concurrentievervalsing tussen luchthavens in de hand'

Tomas Roggeman

'Bij gebrek aan federale vliegwet moet Vlaanderen haar eigen Luchtdecreet schrijven, en krijgt Wallonië dezelfde gelegenheid voor de luchthavens van Charleroi en Luik', schrijft Tomas Roggeman, voorzitter van Jong N-VA.

Het Brussels Gewest met minister-president Rudi Vervoort (PS), drijft het luchtvaartconflict op de spits. CDH, de partij van bevoegd staatssecretaris Frémault, pleit onomwonden voor een inkrimping van de luchthaven. Dat daardoor tienduizenden jobs kunnen verdwijnen, is voor hen blijkbaar geen doorslaggevend argument. Intussen kan of wil federaal minister François Bellot (MR) geen wetsontwerp neerleggen om rechtszekerheid te creëren over de vliegroutes. Van de Franstalige partijen hoeft de luchthaven weinig te verwachten.

Zaventem is na de Antwerpse haven de grootste economische motor van Vlaanderen, goed voor meer dan 60.000 jobs. Maar aan de overkant van de taalgrens is de afbouw van Brussels Airport een kans om Charleroi verder te laten groeien. Brusselse bekommernissen en Waalse economische belangen sluiten in dit dossier naadloos op elkaar aan. Met eerlijke concurrentie tussen luchthavens is niets mis, integendeel. Maar vandaag wordt het beleid misbruikt voor concurrentievervalsing. Het uitblijven van een federale vliegwet wordt door de Brusselse gewestregering aangegrepen om Zaventem te voor het blok te zetten, terwijl de Waalse regering de luchthaven van Charleroi uitbouwt.

Dat het luchtvaartbeleid een federale bevoegdheid is, ligt aan de basis van de impasse. Al 17 jaar lang bijten opeenvolgende federale regeringen hun tanden stuk op de regulering van het luchtverkeer. Sinds Isabelle Durant (Ecolo) in 2000 als minister van Mobiliteit de vliegnormen omgooide, steekt dit dossier als een monster van Loch Ness om de paar jaren haar kop boven water in steeds grotere en complexere gedaante. Fundamentele meningsverschillen tussen Vlamingen en Franstaligen maken de kloof stilaan onoverbrugbaar.

Aan de basis van het probleem liggen de regels voor het gebruik van de start- en landingsbanen en de bijhorende vliegroutes, die bepalen welke locaties bij gegeven weersomstandigheden overvlogen worden en dus geluidsoverlast moeten ondergaan. Bij gebrek aan juridische verankering vormen deze wind- en baannormen het doelwit van talloze gerechtelijke betwistingen, herhaaldelijke wijzigingen en onzekerheid voor zowel de omwonenden als de vliegtuigmaatschappijen.

Toch bestaat er een alternatief voor die aanslepende federale impasse, met haar jarenlange opeenvolging van tijdelijke tussenoplossingen. Een bevoegdheidsoverdracht voor het luchtverkeer kan de Gewesten op grond van terrirotialiteit bevoegd maken voor de windnormen en het baangebruik van de luchthavens gelegen binnen de gewestgrenzen. De luchtverkeersleiding werkt dan verder binnen de decreten die uitgeschreven worden door Vlaanderen en Wallonië in plaats van met de federale regels die met spuug en plaktouw aan elkaar hangen. Dit is perfect verzoenbaar met de plannen voor Europese integratie van de luchtverkeerleiders binnen FABEC. Dat zo'n regionale oplossing uitstekend kan werken, blijkt vandaag al uit de samenwerking tussen Belgocontrol en de regionale luchthavens.

TOEKOMST IN VLAAMSE HANDEN

De Zaventemse luchthaven heeft dus alleen een toekomst in Vlaamse handen. Vlaanderen moet zelf de bevoegdheid krijgen om een juridisch kader uit te werken dat een stabiele toekomst geeft aan de tientallen luchtvaartmaatschappijen en de tienduizenden werknemers. Bij gebrek aan federale vliegwet moet Vlaanderen haar eigen Luchtdecreet schrijven, en krijgt Wallonië dezelfde gelegenheid voor de luchthavens van Charleroi en Luik.

Tot slot lijt het erop dat de Brusselse PS-regering een broertje dood heeft aan de luchthaven, hoewel ze er zelf grote economische en toeristische vruchten van plukt. Dan lijkt het ons de betere optie om de luchthaven over te dragen aan Vlaanderen, dat economische activiteit wél wil ondersteunen.

Brussels Airport is vandaag voor 25% +1 aandeel eigendom van de federale overheid. Regionalisering van de normen voor het luchtverkeer én van de participatie in de Zaventemse luchthaven is de enige zekerheid voor een eerlijke spreiding van de overlast, zoals zo veel mensen in Brussel en de Rand al jaren vragen. Tegelijk wordt Zaventem de economische poort van Vlaanderen en mag het óns merk in de wereld promoten. Want waarom zou Brussel nog naambekendheid willen krijgen via de luchthaven die ze bekampt? Brussel verklaarde de oorlog aan Brussels Airport; laten we hen ervan verlossen door de lancering van Flanders International Airport.

Tomas Roggeman

Tomas Roggeman

Voorzitter
Tel.
0472/89.03.96